Sommige landschappen lijken natuurlijker dan ze in werkelijkheid zijn. Nationaal Park Weerribben-Wieden in Overijssel is daar een mooi voorbeeld van. De lange watergangen en smalle stroken land ontstonden door eeuwenlange veenontginning. Wat ooit een intensief gebruikt landschap was, groeide uit tot een bijzonder ecosysteem.
Ik maakte deze foto op 21 augustus 2020, vanaf een uitkijktoren boven de Weerribben. Samen met mijn zoon Emiel en onze vrienden Wouter en Lude waren we er enkele dagen gaan kanovaren. Beneden voeren de kano’s tussen de weren en ribben die het landschap zijn karakteristieke structuur geven.
Toch is deze foto voor mij onlosmakelijk verbonden met iets anders. Het was onze eerste echte uitstap sinds het begin van de coronapandemie. Lude hadden we voor het laatst gezien op de dag dat in België de lockdown werd afgekondigd. We waren toen samen aan het kanovaren in Duitsland en keerden, door alle onzekerheid, halsoverkop naar huis terug.
Ruim zes maanden later voelde het uitgestrekte landschap van de Weerribben als een bevrijding. Even leek het alsof het ergste achter ons lag. Dat bleek later voorbarig, maar het verandert niets aan mijn herinnering aan die dag: ruimte, vriendschap en vooral de enorme opluchting om opnieuw samen onderweg te zijn.
